Tata Steel en 16 andere staal- en chemiebedrijven schrijven open brief aan provincie

Foto: Wim Meijer Fotografie

Staalbedrijf Tata Steel en zestien andere bedrijven uit de chemie- en staalsector vragen in een open brief in de Volkskrant aan de provinciale lijsttrekkers steun voor hun banen.

(bron: NH Nieuws / Volkskrant)

Ze vrezen de gevolgen van de eventuele CO2-belasting op de industrie en zijn bang dat door de belastingen bedrijven zullen omvallen. De brief is ondertekend door de ondernemingsraden van onder meer Esso, Shell en BP, chemiebedrijf Dow en Tata Steel.

“Wij, de tienduizenden werknemers in de industrie, maken het staal, de goederen en de energie waar iedere Nederlander dagelijks – vaak zonder erover na te denken – gebruik van maakt. En daar zijn wij trots op! Wij zijn trots op onze bedrijven en trots op wat wij bijdragen aan de Nederlandse samenleving. Het is terecht dat er veel aandacht is voor klimaat, energie en CO2-reductie. Maar het is niet terecht dat onze bedrijven worden weggezet als ‘de grote vervuilers’.”

Ondersteunen het klimaatakkoord
Volgens de ondertekenaars van de brief kunnen bedrijven op eigen kracht verder verduurzamen, maar is de ondersteuning van de overheid nodig als de bedrijven sneller willen gaan dan de rest van Europa. “Zodat we én duurzamer worden, én concurrerend blijven. Onze bedrijven investeren voortdurend, maar u moet ook begrijpen dat ambitieuze CO2 reducerende investeringen in de honderden miljoenen en soms zelfs in de miljarden lopen. Dat zijn bedragen die zich niet in vijf jaar terug laten verdienen. Het klimaatakkoord geeft daarvoor ruimte en daarom ondersteunen wij dit.”

Volgens Greenpeace is van alle sectoren, dus ook van de industrie, een bijdrage nodig om de uitstoot omlaag te krijgen. “Een beperkte CO2-heffing die de industrie vervolgens zelf kan gebruiken om te vergroenen is daarvoor de meest eerlijke en uitvoerbare methode. De transitie zal juist veel banen opleveren: de beste business-case is Nederland beschermen tegen klimaatverandering”, aldus de milieuorganisatie.

Reacties