Column: Geveld

12 mrt 2015, 20:15 Algemeen
f3
Mizzle Media / Niels Folkers

De iep is geveld. Honderd jaar lang keek hij uit over de stad. Onderdeel van het meubilair, een vanzelfsprekendheid, maar in de laatste dagen toch onderwerp van een felle discussie.

Vooral op social media ging het los. Kennelijk gaat het vele Beverwijkers zeer aan het hart dat de oude iep er niet meer is. Een landmark. Net als de Wijkertoren, de koepel van de Agatha. Je ziet ze als je Beverwijk binnenrijdt en je weet dat je thuis bent.

Er waren ook mensen, politici vooral, die terugriepen dat de klagers niet zo moeten zeuren. Het is maar een oude boom. Doorstroming van verkeer is ook belangrijk en nog beter voor het milieu. En waarom hebben al die klagers niet en masse de gemeenteraadsvergadering bezocht? Als je je daar niet vertoont, in het democratische hart, heb je geen recht van spreken, lijkt het.

Ik snap die reacties, toch had ik meer van sommige bestuurders verwacht. Meer inleving. Minder vlakheid.De werkelijke discussie gaat niet over de iep. Die gaat veel verder. Er is veel gekapt de afgelopen jaren, heel veel gesloopt. Veel objecten die de ziel van de stad maakten zijn verdwenen, het heeft Beverwijk haast onherkenbaar veranderd. Dat is een trauma. Natuurlijk veranderen er dingen, maar hier ging het allemaal wel erg snel. De communicatie tussen plannenmakers en de burgers was lang niet altijd goed, neem het voorbeeld van de Breestraat.

Laat ik vooral voor mezelf spreken. Het doet me verdriet wat ik in de stad verloren zag gaan. Ik heb vaak actie gevoerd, heb vaak met politici gesproken en met ambtenaren, maar te vaak word je meewarig aangekeken als nostalgische zeurder.

Voor velen is de gemeenteraadszaal niet meer de arena waar het gebeurt, kijk maar naar de lage opkomst tijdens de verkiezingen. Dat vertrouwen is er kennelijk niet meer, helaas. Daarom gaan mensen niet naar de raad om te klagen, het is dus geen kwestie van luiheid. Als politicus zou ik dat zeer serieus nemen.

Het bestuur had de kwestie rond de iep aan kunnen grijpen om deze emotie bespreekbaar te maken, op de agenda te zetten. Want we worden allemaal gedreven door liefde voor de stad. Ik blijf overtuigd van de goede bedoelingen van de politici, maar als we dit pijnpunt met zijn allen kunnen wegwerken, kunnen we samen verder bouwen aan de stad. Waar alles in balans is: economisch belang en schoonheid. Want voor velen klinkt dit misschien als een verrassing, maar een stad die zijn ziel koestert, is juist een goede plek voor ondernemers.

Van Roetz