BEVERWIJK – In Beverwijk en Wijk aan Zee start maandag 29
juni een onderzoek naar beschermde dieren die in en rond woningen leven.
Ecologen brengen onder meer vleermuizen, huismussen en zwaluwen in kaart. De
resultaten moeten ervoor zorgen dat inwoners hun woning in de toekomst
eenvoudiger kunnen isoleren, zonder dat beschermde diersoorten in de knel
komen.
Veel woningen moeten de komende jaren beter worden
geïsoleerd om energie te besparen. Daarbij gelden regels voor beschermde
diersoorten die zich in of aan gebouwen kunnen vestigen. Nu is vaak per woning
een afzonderlijk ecologisch onderzoek nodig voordat isolatie- of
onderhoudswerkzaamheden mogen beginnen. Dat kan leiden tot extra kosten en
vertraging.
Om dat te voorkomen laat de gemeente een gebiedsdekkend
onderzoek uitvoeren. De verzamelde gegevens vormen de basis voor een zogenoemd
Soortenmanagementplan. Met zo'n plan kan in veel gevallen worden volstaan met
één gezamenlijke aanpak, waardoor minder afzonderlijke onderzoeken nodig zijn.
Vanaf 29 juni zijn onderzoekers in verschillende wijken van
Beverwijk en Wijk aan Zee actief. Zij lopen of fietsen door de buurten en
kunnen langere tijd gebouwen observeren. Omdat sommige diersoorten vooral in de
vroege ochtend of na zonsondergang actief zijn, vinden delen van het onderzoek
ook op die momenten plaats. De onderzoekers werken vanaf de openbare weg,
dragen herkenbare kleding en kunnen zich legitimeren.
De aanwezigheid van beschermde dieren betekent niet
automatisch dat woningen niet kunnen worden geïsoleerd. Op basis van de
onderzoeksresultaten wordt bepaald welke maatregelen nodig zijn om zowel
isolatiewerkzaamheden als de bescherming van de dieren mogelijk te maken.
Inwoners die weten waar vleermuizen, huismussen of zwaluwen
in of aan gebouwen verblijven, kunnen die informatie doorgeven aan de gemeente.
Die meldingen kunnen bijdragen aan het onderzoek.