In de ban van de Ringen (#3): Ode aan de sport

Foto: Wikipedia

Dat de Olympische Spelen één grote demonstratie zijn van het ultieme fysieke vermogen van de mens hoef ik niemand te vertellen. Maar zeven maal vonden er ook Olympische krachtmetingen plaats op het gebied van kunst. Na 1948 was er echter geen plaats meer voor de muzen op dit van oorsprong toch Griekse feestje.

De ‘gedroomde’ Nederlandse afvaardiging
Ziet u het voor zich? De Nederlandse Olympische ploeg onder aanvoering van Chef de Mission André Rieu, met als vlaggendrager Rotterdams dichter en nachtburgemeester Jules Deelder? Zet er dan nog een bevlogen kunstschilder bij, een begaafd architect en een beeldhouwer met een Oranje hart (Beatrix zou zich zo maar kunnen nomineren) en je hebt een bonte selectie voor The Olympic Art Competition.

Olympic Art Competition
Het lijkt ondenkbaar. Bij Olympische Spelen denk je immers primair aan sport. Maar gedurende bijna 40 jaar maakte ook kunst deel uit van de Olympische Spelen. Van 1912 tot 1948 konden kunstenaars deelnemen aan de Olympische Spelen in vijf categorieën: schilderkunst, beeldhouwkunst, architectuur, muziek en literatuur. En net zoals bij de sporters werden ook hier in iedere categorie drie medailles uitgereikt.

Gouden medaillewinnaars: "At the Seaside of Arild" van David Wallen en "Rugby" van Jean Jacoby (foto's: Wikipedia)
Gouden medaillewinnaars: “At the Seaside of Arild” van David Wallen en “Rugby” van Jean Jacoby (foto’s: Wikipedia)

Enige deelnemer
Net als bij de totale organisatie van de Spelen was ook hier weer Pierre de Coubertin de grote initiator van deze “Olympic Art wedstrijden”. Lang niet al zijn collega’s binnen het IOC zagen heil in dit kunstinitiatief. De Coubertin bleek echter te beschikken over voldoende overredingskracht. En bij de Olympische Spelen van 1912 in Stockholm stond dan ook voor het eerst de Olympische Art Competitie op het programma. Een overwinning dus voor Pierre de Coubertin. Nog sterker: een dùbbele overwinning! Want in de categorie Literatuur ging de Gouden Medaille namelijk naar Georg Ohrod en Martin Eschbach voor het in het Duits geschreven gedicht “Ode an der Sport”. Later bleek dat deze twee namen de pseudoniemen waren  van Pierre de Coubertin, wiens overwinning ook niet echt zwaarbevochten was, omdat hij enig deelnemer bleek te zijn in deze competitie.

‘Gouden’ Olympisch Station
En ook Nederland heeft nog gouden geschiedenis geschreven in de persoon van Jan Wils, die in 1928 de Gouden medaille won op het gebied van architectuur met zijn ontwerp van het Olympisch Stadion in Amsterdam.

Olympisch Stadion van Jan Wils goed voor goud (foto: Wikipedia)
Olympisch Stadion van Jan Wils goed voor goud (foto: Wikipedia)

Amateurregels
De Olympic Art wedstrijden hebben tot en met 1948 op het programma gestaan van de Spelen. Uiteindelijk waren het de strikte amateurregels van het IOC die het einde inluidden van dit kunstzinnige initiatief. De toen geldende strikte Olympische regel dat de sporter (in dit geval kunstenaar) geen geld mocht verdienen aan zijn/haar sport leidde ertoe dat zich nog maar weinig prominente kunstenaars aanmeldden. En zo verdwenen de kunstenaars na 1948 van het programma. Althans, niet helemaal.

Cultural Olympiad
Sinds de Spelen in Melbourne in 1956 is het grootste sportevenement ter wereld ook steeds het podium geweest van een uitgebreid cultureel programma. Dit gold ook voor Londen, waar ‘The London 2012 Cultural Olympiad’ gezien nog steeds wordt gezien als het grootste culturele feest in de geschiedenis van de moderne Olympische en Paralympische bewegingen. Alleen… hoe zit dat nu in Rio?

Surprise events
Vier jaar geleden beloofden de organisatoren van de Spelen van dit jaar het voorbeeld van Londen te volgen. Alleen blijkt daar nu erg weinig van terecht gekomen te zijn. Dat alles lijkt het gevolg van de diepe economische crisis in Brazilië. Hierdoor zou al de helft van de geplande kunstevenementen zijn geschrapt van het programma. En over die andere helft is ook de nodige onzekerheid,zo blijkt uit een onderzoek van de BBC. In een interview met de Engelse omroep stelde Carla Camurati, directeur van de Culturele Olympiade, dat weliswaar veel art-events waren wegbezuinigd maar dat er ook nog genoeg wèl door zouden gaan. Op de vraag waarom daarover dan  nergens informatie te vinden was stelde ze dat alles het karakter zou hebben van ‘surprise events’. Kunstuitingen die spontaan ontstaan, buiten in de straten, zoals flash mobs, dans, straattheater en literaire evenementen.

Het is vast niet helemaal wat in Pierre de Coubertin in 1912 voor ogen had, maar ach, als je moet kiezen tussen ‘Ode an de Sport’ of een flashmob van een flitsende Braziliaanse Samba dan lijkt mij de keuze eigenlijk helemaal niet zo moeilijk.

 

Reacties